Slecht slapen in de overgang: oorzaken en wat echt helpt
In de overgang slapen veel vrouwen slechter door opvliegers, nachtelijk zweten en dalende hormonen. CGT-i is ook hier de eerstekeus; let daarnaast op slaapapneu.
De overgang is voor veel vrouwen een periode waarin de slaap merkbaar verslechtert. Je wordt 's nachts wakker van een opvlieger, ligt bezweet te draaien, of piekert je klaarwakker. Slecht slapen is een van de meest genoemde overgangsklachten — en zelden door één oorzaak te verklaren. In dit artikel lees je waaróm je slaap verandert in de overgang, wat het bewijs zegt over wat helpt, en wanneer je aan de bel moet trekken.
Kort: wat zegt het bewijs?
BMatig bewijs
- Slecht slapen in de overgang heeft meestal meerdere oorzaken tegelijk: opvliegers, dalende hormonen, stemming en soms slaapapneu.
- Bij aanhoudende slapeloosheid is CGT-i ook hier de eerstekeus — niet een slaappil.
- Hormoontherapie vermindert opvliegers en helpt daardoor indirect de slaap, maar is geen slaapmiddel.
- Een koele, donkere slaapkamer en minder alcohol en cafeïne verlichten opvliegers en wakker liggen.
- De kans op slaapapneu neemt toe en wordt bij vrouwen vaak gemist — let op snurken en ademstops.
Waarom je slaap verandert in de overgang
In de jaren rond de laatste menstruatie dalen de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron. Die daling beïnvloedt niet alleen je menstruatie, maar ook je temperatuurregeling, je stemming en je ademhaling tijdens de slaap. Progesteron heeft van nature een licht slaapbevorderend en ademhalingsstimulerend effect; als het wegvalt, merken veel vrouwen dat de slaap oppervlakkiger en onrustiger wordt.
De meest directe boosdoener zijn de opvliegers en het nachtelijk zweten (vasomotorische klachten). Ze komen vooral voor in het eerste jaar na de menopauze en houden gemiddeld drie tot zeven jaar aan [2]. Een nachtelijke opvlieger maakt je klaarwakker, en het weer in slaap komen kost tijd — zeker als je bezweet wakker wordt.
Stemming, piekeren en de vicieuze cirkel
De overgang gaat bij een deel van de vrouwen samen met een somberder of prikkelbaarder gevoel. Thuisarts.nl en de NHG-Standaard De overgang benoemen dat nachtelijke opvliegers vermoeidheid en een lagere stemming in de hand werken [1][2]. Zo ontstaat een vicieuze cirkel: je slaapt slecht, voelt je overdag beroerd, gaat je zorgen maken over de nacht die komt — en juist die spanning houdt de slapeloosheid in stand. Dit patroon is hetzelfde mechanisme dat achter chronische slapeloosheid zit, en het verklaart waarom een gedragsmatige aanpak zo goed werkt.
Slaapapneu: vaker in de overgang, en vaak gemist
Een minder bekend maar belangrijk punt: de kans op obstructieve slaapapneu neemt in en na de overgang toe. Oestrogeen en progesteron helpen de spieren in de bovenste luchtweg op spanning te houden en stimuleren de ademhaling. Als deze hormonen dalen, wordt de ademhaling tijdens de slaap kwetsbaarder, en snurken en ademstops komen vaker voor [6][7].
⚠️ Let op: apneu wordt bij vrouwen vaak over het hoofd gezien
Bij vrouwen uit slaapapneu zich vaker in vage klachten — moe, prikkelbaar, slecht slapen, concentratieproblemen — die sterk op overgangsklachten lijken. Daardoor blijft het regelmatig onopgemerkt. Snurk je, zijn er ademstops gezien, of ben je overdag extreem slaperig? Bespreek dan met je huisarts of onderzoek naar slaapapneu zinvol is [6]. Het is behandelbaar, en dan lost een groot deel van de "overgangsvermoeidheid" mogelijk op.
Wat helpt: CGT-i staat ook hier voorop
Blijf je langere tijd slecht slapen, dan is de eerstekeusbehandeling cognitieve gedragstherapie voor insomnie (CGT-i) — dezelfde aanpak als bij slapeloosheid buiten de overgang, en géén slaappil. Dat is geen theorie: in een gerandomiseerde studie bij peri- en postmenopauzale vrouwen met opvliegers verbeterde telefonische CGT-i de slaap veel sterker dan menopauzevoorlichting alleen; de kans op een goede slaapkwaliteit was er meerdere keren groter [4]. Een gepoolde analyse van vier trials bevestigt dat CGT-i bij vrouwen met opvliegers de grootste afname van slapeloosheidsklachten geeft [5].
✔ CGT-i is eerstekeus, ook met opvliegers
CGT-i pakt de in stand houdende gewoonten en gedachten aan (stimuluscontrole, slaaprestrictie, piekergedachten bijstellen). Het werkt bij vrouwen met opvliegers en het effect blijft bestaan na de behandeling — anders dan bij slaapmedicatie, die de NHG-Standaard Slaapproblemen alleen kortdurend adviseert [3].
Leefstijl en een koele slaapkamer
Rond de opvliegers zelf valt met eenvoudige maatregelen winst te halen. Houd de slaapkamer koel en donker, kies luchtige nachtkleding en beddengoed in lagen die je makkelijk weggooit, en zet eventueel een ventilator klaar. Alcohol en cafeïne kunnen opvliegers uitlokken en het doorslapen verstoren; minderen helpt vaak. Regelmatig bewegen, overdag voldoende daglicht en een vast opsta-tijdstip ondersteunen je bioritme. Deze adviezen genezen de slapeloosheid niet op zichzelf, maar ze verlagen de drempel om de nacht door te komen.
Hormoontherapie: nuttig, maar geen slaappil
Hormoontherapie (oestrogeen, meestal met een progestageen) is de meest effectieve behandeling tegen opvliegers en nachtelijk zweten, en verbetert daarmee de kwaliteit van leven [2]. Omdat het de opvliegers dempt, kun je er indirect beter van slapen. Maar het is nadrukkelijk geen slaapmiddel: als je slecht slaapt zónder heftige vasomotorische klachten, is hormoontherapie meestal niet de aangewezen route. Of de voordelen in jouw situatie opwegen tegen de risico's, is maatwerk dat je met je huisarts bespreekt.
Wanneer naar de huisarts?
Trek aan de bel bij je huisarts als je slapeloosheid weken tot maanden aanhoudt en je dagelijks functioneren raakt, als je somberheid of angst toeneemt, of bij tekenen van slaapapneu (snurken, ademstops, extreme slaperigheid overdag). Vraag gericht naar CGT-i of een online slaapcursus, en — als opvliegers op de voorgrond staan — of hormoontherapie iets voor jou is. Slecht slapen hoort niet "gewoon bij de overgang" om maar te verdragen: er is een goed onderbouwde aanpak die werkt.
Veelgestelde vragen
Waarom slaap ik zo slecht sinds de overgang?
Vaak spelen meerdere dingen tegelijk. Opvliegers en nachtelijk zweten maken je wakker, de dalende hormonen oestrogeen en progesteron beïnvloeden je slaap en stemming, en tegelijk neemt de kans op slaapapneu toe. Piekeren over slecht slapen houdt de klacht daarna in stand. Omdat er meerdere oorzaken zijn, helpt één losse tip zelden; een gerichte aanpak werkt beter.
Helpt hormoontherapie tegen slecht slapen in de overgang?
Hormoontherapie vermindert opvliegers en nachtelijk zweten duidelijk, en daardoor kun je indirect beter slapen. Het is geen slaapmiddel: als je slecht slaapt zónder heftige opvliegers, is hormoontherapie meestal niet de aangewezen route. Bespreek met je huisarts of de voordelen in jouw situatie tegen de risico's opwegen.
Wat is de eerstekeusbehandeling bij aanhoudende slapeloosheid in de overgang?
Net als buiten de overgang is dat cognitieve gedragstherapie voor insomnie (CGT-i), niet een slaappil. Onderzoek bij vrouwen met opvliegers laat zien dat CGT-i de slaap sterker verbetert dan voorlichting alleen, en het effect blijft bestaan na de behandeling.
Kan de overgang slaapapneu veroorzaken?
De overgang veroorzaakt apneu niet rechtstreeks, maar de kans erop neemt wel toe. Dalende oestrogeen- en progesteronspiegels maken de ademhaling tijdens de slaap kwetsbaarder. Bij vrouwen wordt slaapapneu bovendien vaak gemist, omdat de klachten (moe, prikkelbaar, slecht slapen) op overgangsklachten lijken. Snurken, ademstops of extreme vermoeidheid overdag zijn reden om het te laten onderzoeken.
Wat kan ik zelf doen om beter te slapen in de overgang?
Houd de slaapkamer koel en donker, gebruik luchtige nachtkleding en beddengoed, en beperk alcohol en cafeïne — beide kunnen opvliegers en wakker liggen verergeren. Een vast opsta-tijdstip en overdag genoeg bewegen en daglicht helpen je ritme. Blijft de slapeloosheid aanhouden, vraag dan bij je huisarts naar CGT-i.
Bronnen
- Thuisarts.nl / NHG (2022). Ik ben in de overgang en heb opvliegers. Thuisarts.nl. bron
- NHG (2022). NHG-Standaard De overgang (M73). NHG. bron
- NHG (2024). NHG-Standaard Slaapproblemen. NHG. bron
- McCurry SM, et al. (2016). Telephone-Based Cognitive Behavioral Therapy for Insomnia in Perimenopausal and Postmenopausal Women With Vasomotor Symptoms: A MsFLASH Randomized Clinical Trial. JAMA Intern Med. doi:10.1001/jamainternmed.2016.1795
- Guthrie KA, et al. (2018). Effects of Pharmacologic and Nonpharmacologic Interventions on Insomnia Symptoms and Self-reported Sleep Quality in Women With Hot Flashes: A Pooled Analysis of Individual Participant Data From Four MsFLASH Trials. Sleep. doi:10.1093/sleep/zsx190
- ApneuVereniging (2025). Apneu en de overgang. ApneuVereniging. bron
- Sigurðardóttir ES, et al. (2022). Female sex hormones and symptoms of obstructive sleep apnea in European women of a population-based cohort. PLoS One. bron
